Ik voelde me voortdurend uitgeput, snel overprikkeld en had een kort lontje. Mijn concentratie verslechterde, ik vergat steeds meer en had moeite om mijn aandacht bij het werk te houden. Daarnaast sliep ik slecht en piekerde veel. Grenzen stellen vond ik lastig, zowel richting collega’s als richting mezelf.
Voor de coaching voelde ik me vooral geleefd: vermoeid, reactief en gefrustreerd. Nu ervaar ik veel meer rust en regie. Ik weet beter wie ik ben in mijn vak, waar mijn kracht ligt en hoe ik die kan inzetten. Dat gevoel van leiderschap – niet alleen naar anderen, maar vooral ook naar mezelf – is iets wat ik echt ontwikkeld heb.
De coaching gaf me vooral perspectief: inzicht in mijn eigen gedrag, hoe ik reageer in bepaalde situaties en wat mijn automatische patronen zijn. Daardoor kon ik steeds vaker bewust kiezen op welke stoel ik zit. Ik leerde om mijn grenzen beter aan te geven, op een manier die bij mij past. Ook ben ik bewuster gaan reageren: met nieuwsgierigheid in plaats van direct in de weerstand te schieten. Dat geldt zowel op de werkvloer als daarbuiten.
Ik focus me nu veel meer op waar ik wél invloed op heb, en waar ik ‘van ben’. Ik voel me krachtiger in mijn rol, weet beter waar mijn kwaliteiten liggen en waar juist niet. Moeilijke gesprekken ga ik nu niet meer uit de weg. Ik kan ze voeren vanuit rust en bewustzijn. Daar heb ik inmiddels ook meerdere complimenten over gekregen. Ik gebruik de kernkwadranten steeds vaker als handig reflectiemiddel, vooral om sneller te relativeren en situaties te plaatsen.
